Stilstaan of achteruit rijden?

Rechtbank Gelderland
Verzoeker wilde inparkeren en stond – zonder alarmlichten – stil. Verweerder trachtte verzoeker in te halen. Een aanrijding volgde. Verzoeker stelt dat hij stil stond. Verweerder stelt dat verzoeker vanuit stilstand onverwacht snel achteruit reed.
Verzoek Rechtbank
Verzoeker verzoekt de rechtbank om:

1. voor recht zal verklaren dat Achmea en [verweerder sub 2] hoofdelijk [gehouden is tot vergoeding respectievelijk] aansprakelijk is voor de door [verzoeker] geleden en nog te lijden schade;

Uit medische informatie is voldoende vast komen te staan dat verzoeker als het gevolg van de aanrijding letsel heeft opgelopen. Verzoeker is dan ook ontvankelijk in zijn verzoek.

Er zijn twee getuigenverklaringen die de lezing van verzoeker ondersteunen. Er zijn drie getuigenverklaringen die de lezing van verweerder ondersteunen. Dat de getuigen van verweerder niet op het schadeformulier stonden brengt niet met zich mee dat ze terzijde worden geschoven. Verzoeker heeft met het overleggen van de getuigenverklaringen de gestelde toedracht gemotiveerd betwist. Met het rapport van Meuwissen Verkeers Ongevallen Analyse is de toedracht evenmin vast komen te staan. Er kan vanuit technische zin geen uitsluitsel gegeven worden of verzoeker ten tijde van de botsing stilstond of achteruit reed.

Het voorgaande brengt met zich mee dat nadere bewijslevering noodzakelijk is om de toedracht vast te kunnen stellen. Dit valt echter buiten het bestek van de deelgeschillenprocedure. Het verzoek van verzoeker wordt derhalve afgewezen.

2. primair Achmea, subsidiair [verweerder sub 2] en meer subsidiair zowel Achmea als [verweerder sub 2] zal veroordelen in de kosten van het geding. De kosten dienen te worden begroot. Het uurloon van € 220,00 wordt door de rechtbank redelijk geacht. Het urenaantal van 15 bestede uren acht de rechtbank te hoog. Mede gelet op de reistijd en de duur van de mondelinge behandeling ter zitting wordt een totale tijdsbesteding van 11 uur redelijk geacht. De kosten van het deelgeschil worden begroot op € 3.103,89. Daarnaast zal een bedrag van € 297,00 aan griffierecht in aanmerking worden genomen.

Omdat de aansprakelijkheid van Achmea niet vast staat, zullen de kosten slechts worden begroot en zal geen veroordeling tot betaling van dit bedrag aan verzoeker plaatsvinden.

 

Iedere week de nieuw verschenen uitspraken ontvangen?
Schrijf u in voor de nieuwsbrief: