Toedracht bedrijfsongeval staat voldoende vast ondanks ontbreken getuigen

Rechtbank Midden-Nederland 23-4-2014
Werknemer heeft letsel, maar ongeval staat niet echt vast. door combinatie van medische gegevens en ‘van horen zeggen’ getuigen wordt toch aangenomen dat er een ongeval was op het werk en volgt er ook aansprakelijkheid.
Verzoek Rechtbank
 voor recht te verklaren dat CARe, en Delta Lloyd in haar hoedanigheid van aansprakelijkheidsverzekeraar van haar verzekerde CARe, aansprakelijk is voor het ontstaan van het bedrijfsongeval en derhalve voor de schadelijke gevolgen van het bedrijfsongeval;  Op basis van de hiervoor onder punt 2. vermelde feiten, meer in het bijzonder de door [A] ingevulde “Vragenlijst inzake toedracht ongeval d.d. 25 mei 2010” (2.4.) en het “Aanmeldingsformulier (bijna-)bedrijfsongeval” (2.6.), de door hem in het kader van het onderzoek door Raasveld Expertise afgelegde verklaring (2.10.) alsmede de door de heer [B] in dat kader afgelegde verklaring (2.10.), het huisartsenjournaal van 27 mei 2010 (2.5.) en de verklaring van de echtgenote van [verzoeker] concludeert de kantonrechter dat [verzoeker] tijdens de uitoefening van zijn werkzaamheden op 25 mei 2010 een bedrijfsongeval is overkomen. 
 vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de dag van het verzoekschrift;  De kantonrechter zal de verzochte wettelijke rente, zie hiervoor onder 2. van punt 3.1., toewijzen. Over schade als gevolg van een ongeval waarvoor aansprakelijkheid bestaat is immers wettelijke rente verschuldigd vanaf de datum van dat ongeval. De rechtbank verwijst naar de artikelen 6:119 BW en 6:83 aanhef en onder b BW.
 CARe en Delta Lloyd, des de een betaalt, de ander bevrijd is, te veroordelen in de kosten van dit deelgeschil, tot op heden begroot op € 1.800,00;  [verzoeker] maakt aanspraak op een bedrag van € 1.800,00 (12 x € 150,00). CARe en Delta Lloyd voeren aan dat zowel het aantal bestede uren als het uurtarief bovenmatig is. 
4.6. De onderhavige zaak betreft naar het oordeel van de kantonrechter een voor wat betreft de omvang en complexiteit ervan beperkt en overzichtelijk deelgeschil. Het aan het deelgeschil bestede en opgegeven aantal uren is daarmee naar het oordeel van de rechtbank in overeenstemming. Ook het gehanteerde uurtarief is redelijk en zeker niet bovenmatig. De met de opstelling van het verzoekschrift en de verdere behandeling van de zaak gemoeide, redelijke kosten als bedoeld in artikel 6:96 lid 2 BW zullen door de kantonrechter dan ook overeenkomstig het verzochte worden begroot op € 1,800,00, te vermeerderen met het door [verzoeker] betaalde griffierecht van € 77,00. CARe en Delta Lloyd zullen tot betaling daarvan aan [verzoeker] worden veroordeeld.
 CARe en Delta Lloyd te veroordelen in de kosten van deze procedure.  In een (nadere) kostenveroordeling als door [verzoeker] onder 4. van punt 3.1. verzocht, voorziet de Wet deelgeschilprocedure voor letsel- en overlijdensschade (in artikel 1019aa Rv) niet. Dit verzoek zal de kantonrechter dus afwijzen.

Weinig spectaculair…

Iedere week de nieuw verschenen uitspraken ontvangen?
Schrijf u in voor de nieuwsbrief: