Verzekeraar afslaande auto aansprakelijk voor aanrijding met tegemoetkomende bromfiets. Voorschot en bgk valt buiten deelgeschil.

rechtbank Amsterdam 30 mei 2013, LJN: CA3729
Op kruising met verkeerslichten aanrijding afslaande auto (verzekerd bij verweerster) en tegemoetkomende bromfiets. Volgens rechtbank staat vast dat beiden door groen gereden, dus verweerster aansprakelijk. Verzoeken inzake voorschot en bgk vallen buiten deelgeschil.
Verzoek Rechtbank
Voor recht te verklaren dat Unigarant aansprakelijk is voor de schade die [A] als gevolg van het ongeval van 14 november 2007 heeft geleden en nog zal lijden. Gelet op het feit dat de auto van de verzekerde van Unigarant met groen licht de kruising op is gereden, kan er vanuit worden gegaan dat [A], zoals hij zelf ook heeft verklaard, eveneens groen licht had toen hij de kruising op reed.
Evenmin is in geschil dat de bestuurder van de auto, nadat hij met groen licht de kruising was opgereden, de auto even stil heeft gezet op de kruising om rechtdoorgaand verkeer vanuit tegengestelde richting voorrang te verlenen. De verklaring van de bestuurder van de auto in de registratieset van de politie dat hij linksaf wilde slaan en opeens recht voor zich een scooter zag, is door Unigarant niet weersproken. Uit deze verklaring kan naar het oordeel van de rechtbank worden afgeleid dat de bestuurder van de auto is opgetrokken om linksaf te slaan en daarbij [A], die op dat moment op zijn brommer de kruising op reed, over het hoofd heeft gezien. Aangezien [A] door groen licht was gereden en de auto op dezelfde weg tegemoet kwam, concludeert de rechtbank dat de bestuurder van de auto [A] ingevolge artikel 18 lid 1 RVV voorrang had dienen te verlenen. Unigarant heeft onvoldoende gemotiveerd weersproken dat de auto van haar verzekerde voorrang had moeten verlenen aan [A]. Door geen voorrang te verlenen aan [A] heeft de verzekerde van Unigarant artikel 18 lid 1 RVV overtreden en daarmee onrechtmatig gehandeld jegens [A]. Ingevolge artikel 6 WAM kan [A] Unigarant hiervoor rechtstreeks aanspreken.
De rechtbank concludeert dat de toedracht van het ongeval voldoende duidelijk is, zodat nadere bewijslevering niet noodzakelijk is om een beslissing te kunnen nemen over de aansprakelijkheidsvraag. Daarmee leent het verzoek van [A] zich voor behandeling in een deelgeschilprocedure.
De rechtbank zal de verzochte verklaring voor recht toewijzen.
Unigarant te veroordelen tot betaling van een voorschot op de geleden en te lijden schade ter grootte van EUR 10.000,00 en van de buitengerechtelijke kosten die [A] tot aan de voorbereiding van dit deelgeschil heeft gemaakt, ter grootte van EUR 9.034,94.
Te bepalen dat Unigarant, na overlegging van een declaratie met specificatie, de kosten van verkeersdeskundige [C] zal vergoeden tot een maximum van EUR 500,00 exclusief btw.
De rechtbank overweegt dat gesteld noch gebleken is dat onenigheid tussen partijen op deze punten aanleiding is geweest voor het vastlopen van de onderhandelingen tussen hen en dat beoordeling van deze verzoeken kan bijdragen aan de totstandkoming van een vaststellingsovereenkomst over de vordering van [A]. Deze verzoeken lenen zich dus niet voor behandeling in een deelgeschilprocedure als bedoeld in artikel 1019w Rv en worden dus afgewezen.
De kosten van het deelgeschil te begroten conform de opgave van [A] en Unigarant in deze kosten te veroordelen. [A] heeft bij zijn verzoekschrift een kopie van een aan hem verleende toevoeging in het geding gebracht. De rechtbank zal [A] in de gelegenheid stellen zich bij akte uit te laten over de vraag hoe deze toevoeging zich verhoudt tot de verzochte begroting van de kosten alsmede de verzochte veroordeling van Unigarant in deze kosten. Unigarant zal hier bij antwoordakte op mogen reageren.

Het oordeel over de aansprakelijkheid lijkt logisch. Toch is het tot een deelgeschil gekomen…

Iedere week de nieuw verschenen uitspraken ontvangen?
Schrijf u in voor de nieuwsbrief: